This month
Column: welkom in de woonkamer van Nieuw-West

Ruba Ammiwala over de auto als woonkamer
Dinsdagavond, kwart over negen. Een parkeerplaats ergens in Nieuw-West. In een auto zitten twee vriendinnen, motor uit. Ze komen net van het padellen, en de een zou ‘nog even’ vertellen hoe haar week was. Drie kwartier later zitten ze er nog. Stoelen iets naar achteren, telefoons op stil, verwarming op twee. Welkom in de woonkamer van Nieuw-West.
Want ik ga jullie iets vertellen dat in geen enkel mobiliteitsonderzoek staat: voor ons is de auto niet alleen een vervoersmiddel. Het is een kamer op wielen. Een biechtstoel, een plek om in rust te bellen als het thuis te druk is, de plek waar je iets viert, en op zondag, na de wasstraat, een kunstwerk.
Maar we rijden niet alleen maar voor de gezelligheid. We rijden omdat we met het ov twee tot drie keer zo lang onderweg zijn. Probeer na een werkdag maar eens met twee tassen boodschappen in een tram te stappen, die weer is uitgevallen.
Ik weet dat er anders naar wordt gekeken. Ik heb de rapporten gelezen. Mijn auto heet daarin een “geparkeerd object” dat het grootste deel van de dag stilstaat. Jullie hebben het over modal shift, deelmobiliteit, mobiliteitshubs. Maar ik ken niemand in Geuzenveld die ‘s ochtends wakker wordt en denkt: vandaag ga ik eens multimodaal.
En statistisch gezien zijn wij het probleem. In Nieuw-West staan zo’n dertig procent meer auto’s per huishouden dan in de rest van de stad. En wij jongeren halen landelijk minder vaak ons rijbewijs, maar we hebben wél vaker een auto. Leg dat maar eens uit in een beleidsnotitie.
Ondertussen is onze werkelijkheid een stuk kleiner dan de ontwerpoplossingen. Die gaat over twintig minuten rondjes om je eigen blok, op zoek naar een plek. Over maximaal twee parkeervergunningen per adres, heel handig als je met z’n vijven thuis woont en er drie werken. Over betaald parkeren dat elk jaar een straat dichterbij kruipt, als een trage tsunami van parkeerautomaten. Over een verzekering die voor een jongen van 21 met een postcode die begint met 106 meer kost dan de huur die hij niet betaalt. Want hij woont nog thuis. Want er zijn geen huizen.
En daar zit het eigenlijk. Wie met z’n vijven in een driekamerflat woont, heeft maar één plek waar de deur dicht kan. En die staat op de parkeerplaats. Voor mijn vriendinnen en mij is het ook gewoon veiligheid: na 10 uur ‘s avonds reis ik liever in mijn eigen auto dan met het OV. Voor de een is het dus veiligheid, voor de ander vrijheid, voor weer een ander trots.
Dus als we het vanavond hebben over autoluwe wijken: prima. Ik ben er niet eens tegen. Maar weet wat je weghaalt. Je haalt niet alleen een auto weg. Je haalt een woonkamer weg, een stukje veiligheid, vrijheid en trots, in een stadsdeel waar van al die dingen niet bepaald een overschot is.
Kom eerst een keer zitten. Dinsdagavond, kwart over negen, na het padellen. Ik zet de stoel wel voor je naar achteren.
Ruba Ammiwala is programmamaker bij ARCAM, het Amsterdamse coördinatiecentrum voor architectuur, stedenbouw en landschapsarchitectuur. Ze is een strategisch verbinder in de gebouwde omgeving, gespecialiseerd in sociale duurzaamheid en gemeenschapswaarde. Ruba groeide op in Amsterdam Nieuw-West.





















